Plannaam: Schelfhorst
IMRO-idn: NL.IMRO.0141.BP00062-0401
Type Plan: gemeentelijke overheid/bestemmingsplan
Status: Vastgesteld

Artikel 16 Tuin - 2

 

16.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Tuin-2' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

 

  1. tuinen;

  2. aan- en uitbouwen en bijgebouwen ten behoeve van wonen;

  3. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waaronder
    begrepen voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en
    afvoeren van water.

 

met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouw zijnde, groenvoorzieningen, verhardingen, tuinafscheidingen en overige bijbehorende voorzieningen.

 

16.2 Bouwregels

 

16.2.1 Aan-en uitbouwen en bijgebouwen

Binnen deze bestemming mogen bijgebouwen, aan- en uitbouwen ten dienste van de aanliggende woonbestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen;

 

  1. de goot- en/of bouwhoogte bedraagt maximaal 3.30 meter;

  2. het bebouwingpercentage van het voorerf mag maximaal 50% bedragen;

  3. afwijkingen in maten, oppervlakten en afmetingen zoals die bestaan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van het plan mogen worden gehandhaafd.

 

16.2.2 Bouwwerken, geen gebouw zijnde

Binnen deze bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze bestemming worden gebouwd waarbij de bouwhoogte ten hoogste 1 meter bedraagt.

 

16.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van:

  1. een samenhangend straat en bebouwingsbeeld;

  2. de verkeersveiligheid;

  3. de milieusituatie;

  4. de sociale veiligheid;

  5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

 

16.4 Specifieke gebruiksregels

Het is verboden de in deze bestemming begrepen gronden en de daarop voorkomende opstallen te gebruiken of in gebruik te geven of te laten voor een doel of op een wijze strijdig met deze bestemming. Onder verboden gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik van bijgebouwen ten behoeve van zelfstandige bewoning;

 

16.5 Afwijken van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 16.4 indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.